|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||
Een kansel of preekstoel is een verhoogde plaats in een kerk van waaraf de geestelijke spreekt. Ondanks het woord preekstoel doet hij dat steeds staande. De preekstoel staat symbool voor de berg van waarop Jezus predikte[1]. Het woord kansel stamt uit het Latijn cancelli en betekent "traliewerk" of "hek". De preekstoel is voortgekomen uit de oud-christelijke ambo en uit het middeleeuwse doksaal dat dienst doet als afscheiding tussen het schip van de kerk en het koor. De Dominicanen gebruikten in Duitsland en Italië draagbare kansels die op leeuwenfiguren rustten (symbool van het overwonnen kwaad). Vaststaande preekstoelen waren al bekend in de 15e eeuw, maar werden pas algemeen in de 16e en 17e eeuw ten gevolge van het voorschrift van het Concilie van Trente (1545-1563) dat aan de preken meer aandacht diende te worden besteed. In grote kerken werden de preekstoelen vaak hoog gebouwd en voorzien van geëlaboreerde versieringen. De kansel bleef ook na de reformatie bestaan in protestantse kerken. In Oosters-Orthodoxe Kerken is het vaak een laaggeplaatst platform. Boven de preekstoel bevindt zich vaak een klankbord, dat vanouds gewenst was voor de akoestiek. Doordat er tegenwoordig geluidsinstallaties worden gebruikt, is dit thans niet meer nodig. De traditionele kansel is een kleine ruimte, vaak met een toegangsdeurtje, waarachter het onderlichaam van de voorganger niet zichtbaar is. In moderne protestantse kerken is de kleine kansel vervangen door een podium waarop ruimte is voor meer activiteiten. Hierop staat dan een lessenaar. Heeft de voorganger dan ook nog een draadloze microfoon op de revers, dan heeft hij hier veel meer bewegingsvrijheid. bewerk Galerij
|
| All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog. |